+49 151 42326385

Anna in Amsterdam - Een nieuw begin in een onzekere wereld

Op de pagina van Anna Chlebowski is al vermeld dat Anna in november 1938 naar Amsterdam is gekomen. Na de pogromnacht van 9 op 10 november 1938 breekt een storm van hulp in Nederland los. Het is november 1938, slechts enkele weken na de beruchte Kristallnacht, waarin door heel Duitsland en Oostenrijk synagogen brandden, winkels werden geplunderd en Joodse gezinnen uit hun huizen werden gesleept. Voor de 17-jarige Anna Chlebowski markeert deze nacht een definitief einde aan haar jeugd. Ze besluit zelf Duitsland te verlaten - naar veiligheid, hoopt ze - maar dat betekent afscheid nemen van haar familie en alles wat ze ooit gekend heeft. Op 23 november 1938 wordt Anna ingeschreven in het register van Amsterdam.
Opening Werkdorp

Beelden uits Amsterdam van voor de oorlog

Een toevlucht in Amsterdam
In Amsterdam krijgt Anna onderdak bij Simon en Rachel Bolle, een Joods echtpaar. Simon, een diamantslijper, en Rachel, zijn vrouw, bieden Anna een veilige plek. Voor het eerst in weken kan ze misschien weer rustig slapen, maar de onzekerheid blijft. De muren van de stad, die haar tijdelijk bescherming bieden, voelen broos aan. De spanningen in Europa nemen toe, en hoewel Nederland officieel neutraal is, lijken de kranten niets anders te melden dan dreiging, oorlog en Jodenvervolging.
Amsterdam bruist in deze tijd van Joods leven. De stad heeft een grote Joodse gemeenschap en is een belangrijk centrum van de diamantindustrie, een van de weinige sectoren waar Joden een zekere mate van vrijheid konden vinden. Hier werkten mannen en vrouwen, soms hele gezinnen, in fabrieken waar de precisie van hun handen de diamanten tot in perfectie vormde. Het was hard werken, maar ook een bron van trots en zelfredzaamheid. Simon Bolle had waarschijnlijk veel verhalen over zijn tijd in de industrie, verhalen die Anna wellicht hoop gaven op een toekomst waarin hard werken beloond werd.
Maar de dreiging van het naziregime hing als een donkere wolk over alles. Toen in januari 1939 Anna's broer Leo en zusje Jetta in Nederland aankwamen, bracht dit enig licht in haar wereld. Ze werden aanvankelijk in Rheden opgevangen, maar later voegde Jetta zich bij Anna in de Van Woustraat 195. Voor even waren de zussen weer samen. Maar ook dit geluk was van korte duur. In juni 1939 vertrok Jetta naar Engeland met een kindertransport, en later emigreerde ze naar Zuid-Afrika. Leo vertrok in September naar de Jeugd-Alija in kibboets Mijnheerensland; Alija naar Palestina. Anna bleef alleen achter.

Een stad in conflict
In mei 1940 vielen de Duitsers Nederland binnen, de eerste maanden was het nog opvallend rustig. Begin 1941 veranderde Amsterdam. De spanning tussen de Joodse gemeenschap en de NSB(1) nam toe. Het leek alsof het antisemitisme, dat Anna al kende uit Duitsland, haar opnieuw had ingehaald. De confrontaties escaleerden snel. Op 11 februari 1941 raakte een NSB-lid, Evert Koot, dodelijk gewond in een gevecht. Kort daarna richtte het geweld zich op Joodse eigendommen.
De aanval op de ijssalon Koco, eigendom van twee Joodse vluchtelingen, was het begin van een kettingreactie. Toen Duitse agenten op 19 februari de zaak binnenvielen, werden ze besproeid met ammoniakgas - een daad van verzet, maar ook een provocatie die niet onbestraft zou blijven. Slechts enkele dagen later, op 22 en 23 februari, organiseerden de Duitsers massale razzia's in de stad. Op het Jonas Daniël Meijerplein werden 427 Joodse mannen opgepakt en weggevoerd. Sommigen van hen hadden misschien nog in de fabriek van Asscher gewerkt, waar ze dachten veilig te zijn.
De opgepakte mannen werden naar Kamp Schoorl gebracht en later naar de concentratiekampen Buchenwald en Mauthausen gedeporteerd. Van hen zouden slechts twee mannen de oorlog overleven. Voor de Joodse gemeenschap van Amsterdam was dit een ongekende klap, een waarschuwing dat niemand meer veilig was.

Anna's wereld verandert
Terwijl de razzia's de stad opschudden, was Anna niet meer in Amsterdam. In februari 1940 had ze haar spullen gepakt en was ze vertrokken naar het Werkdorp in de Wieringermeer, in de hoop daar een toekomst op te bouwen. Maar de herinneringen aan haar tijd in de stad, aan de straten van de Rivierenbuurt, aan de gesprekken met Simon en Rachel Bolle, en aan het afscheid van haar zus Jetta zouden haar altijd bijblijven.
Voor Simon en Rachel Bolle liep het anders af. In maart 1943 werden zij opgepakt en via Westerbork naar Sobibór gedeporteerd, waar ze op 2 april 1943 werden vermoord. Het echtpaar dat Anna tijdelijk onderdak had geboden, werd onderdeel van de vernietigingsmachine waar ze zelf voor was gevlucht.

Een stad vol herinneringen
Anna's tijd in Amsterdam was kort, maar vormend. Het was een plek waar ze zich voor het eerst sinds Kristallnacht enigszins veilig voelde, waar ze haar zusje tijdelijk weer zag, en waar ze een glimp van normaliteit terugvond. Maar het was ook een plek van afscheid, dreiging en de onontkoombare realiteit van de Holocaust.
In mijn boek, 'Het licht in de donkerste nacht', vertel ik over Anna's reis door deze stad, haar verblijf bij Simon en Rachel, en de omstandigheden die haar dwongen om opnieuw te vertrekken. Haar verhaal is verweven met dat van duizenden anderen die probeerden te overleven in een stad die steeds minder ruimte bood voor hoop.

Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.
Duitse troepen rijden Nederlandse steden binnen

De Februaristaking - Een daad van moed in donkere tijden

In februari 1941 sloeg de dreiging van de nazi-bezetting harder toe dan ooit. De razzia's van 22 en 23 februari in Amsterdam, waarbij 427 Joodse mannen van het Jonas Daniël Meijerplein werden weggevoerd, veroorzaakten een schokgolf van angst en verontwaardiging door de stad. De Joodse gemeenschap werd niet alleen getroffen, maar ook de niet-Joodse inwoners van Amsterdam konden niet langer wegkijken. Wat de stad zag, was bruut geweld en onmenselijkheid: mannen werden willekeurig van straat geplukt, gezinnen uit elkaar gescheurd, en een waas van angst hing over de straten.
Maar wat volgde was een daad van ongekende moed.

De oproep tot verzet
De gebeurtenissen van de razzia's drongen diep door in de wijken en fabrieken van Amsterdam. In werkplaatsen en op straat begonnen mensen te fluisteren: "We kunnen dit niet laten gebeuren." Het waren leden van de Communistische Partij Nederland (CPN) die als eersten openlijk de stoute schoenen aantrokken. Ze verspreidden pamfletten met een simpele, maar krachtige boodschap: "Staakt! Staakt! Staakt!"
De oproep vond snel gehoor. Arbeiders, havenwerkers, tramchauffeurs en fabrieksmedewerkers sloten zich aan. Op 25 februari 1941 stopten de trams in Amsterdam met rijden. De stad kwam tot stilstand. Havenarbeiders lieten hun gereedschap vallen, en de fabrieken aan de oever van het IJ verstomden. Het was een uitzonderlijk moment: mensen die hun leven riskeerden om solidair te zijn met hun Joodse stadsgenoten. Het was geen grote politieke actie, maar een collectieve schreeuw van verzet tegen het onrecht dat zich voor hun ogen voltrok.

Een unieke daad van protest
De staking, die bekend werd als de Februaristaking, was de enige grootschalige openlijke staking in bezet Europa tegen de nazi's en hun antisemitische maatregelen. De actie begon in Amsterdam, maar verspreidde zich snel naar omliggende steden zoals Haarlem, Zaandam, Hilversum en Utrecht. Tienduizenden mensen sloten zich aan. Het was een indrukwekkend protest dat de kracht van solidariteit en verzet liet zien.
Maar er hing een duistere schaduw over het verzet. Iedereen wist dat de nazi's niet zouden aarzelen om hard terug te slaan. Toch kwamen de mensen samen, zij aan zij, vastbesloten om een grens te trekken. Het was een krachtig signaal aan de bezetters: de Nederlanders zouden zich niet zonder slag of stoot onderwerpen aan het nationaalsocialisme.

De brute repressie
De reactie van de Duitsers liet niet lang op zich wachten. De staking werd met brute kracht neergeslagen. Gewapende Duitse soldaten verschenen in de straten en gebruikten alles wat ze konden om de staking te breken. Bij confrontaties vielen negen doden en raakten 24 mensen zwaargewond. Stakers werden opgepakt, mishandeld en onderworpen aan zware verhoren.
In Hilversum sloegen de Duitsers hard toe in de Nederlandsche Seintoestellen Fabriek. Arbeiders die durfden te protesteren werden geïntimideerd, geslagen en afgevoerd. De Nederlandsche Seintoestellen Fabriek in Hilversum. De staking, die twee dagen duurde, eindigde op 26 februari 1941, maar de prijs die werd betaald, was hoog. Veel stakers werden naar kampen gedeporteerd of geëxecuteerd, en de Duitse controle over de stad werd met ijzeren vuist hersteld.

Het keerpunt
Hoewel de staking niet kon voorkomen dat de nazi's hun antisemitische beleid voortzetten, had het een blijvende impact. Historici, zoals Mathias Middelberg, zien de Februaristaking als een belangrijk keerpunt. Het massale verzet liet de Duitsers zien dat de Nederlandse bevolking zich niet zonder meer zou onderwerpen aan het nationaalsocialisme. Tegelijkertijd voerden de nazi's als reactie hun repressie op: Joden werden systematisch uitgesloten van het arbeids- en economische leven, hun eigendommen werden door de Liro-verordeningen (2) in beslag genomen, en de deportaties naar de vernietigingskampen kwamen dichterbij.
Voor de Joodse gemeenschap bracht de staking hoop, maar ook verdriet. Hoewel de staking de solidariteit van hun stadsgenoten liet zien, werden de opgepakte mannen van de razzia uiteindelijk naar de kampen gedeporteerd. Slechts twee van hen zouden de oorlog overleven. De herinnering aan de staking is daarom zowel een symbool van menselijke moed als van de gruwelijke realiteit van de Holocaust.

Het verhaal in mijn boek
In mijn boek, 'Het licht in de donkerste nacht', wordt de Februaristaking verweven met het verhaal van Anna en Gerhard. Als jonge Joden die de dreiging van de nazi's dagelijks voelden, werd de staking een belangrijk moment van hoop en solidariteit. Het was een bewijs dat ze niet alleen waren, dat anderen bereid waren hun stem te laten horen en actie te ondernemen, zelfs tegen een machtig en gewelddadig regime.
De staking is een herinnering aan moed, opoffering en de kracht van solidariteit - een boodschap die vandaag nog net zo krachtig is als toen.

(1) De Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) was een Nederlandse politieke partij die tijdens de Tweede Wereldoorlog openlijk samenwerkte met de Duitse bezetter en zich richtte op de ideologie van het nationaalsocialisme. De partij werd in 1931 opgericht door Anton Mussert en Cornelis van Geelkerken en was aanvankelijk een kleine politieke beweging die weinig invloed had.
(2) De Liro-verordeningen waren antisemitische maatregelen die tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) werden ingevoerd om Joodse burgers van hun bezittingen te beroven. Deze verordeningen werden genoemd naar de Lippmann, Rosenthal & Co. Sarphatistraat (kortweg Liro-bank), een door de nazi’s gecontroleerde instelling die speciaal was opgericht om Joods eigendom in beslag te nemen.

Verdere informatie

Samenvatting tekst van Schmidt:
Generalkommissar Schmidt informeert alle vertegenwoordigers van het Rijkscommissariaat dat de gebeurtenissen in Amsterdam ook op andere provincies overslaan. Er moet voor worden gezorgd dat het werk zo rustig mogelijk doorgaat. Stakingsoproerkraaiers of verdachte personen moeten nauwlettend in de gaten worden gehouden en onmiddellijk worden gearresteerd. Tegen hen zal met de volle strengheid van de wet worden opgetreden.
Generaal der Vliegers Christiansen heeft de noodtoestand over Noord-Holland afgekondigd en een overeenkomstige bekendmaking uitgevaardigd. Deze is deels al overgenomen en vrijgegeven voor publicatie via de pers en lokale radio, maar nog niet voor de algemene radio-uitzendingen om buitenlandse politieke redenen. Na overleg en goedkeuring kan de bekendmaking ook in andere provincies worden gepubliceerd, waarbij de druk ter plaatse in het Duits en Nederlands moet plaatsvinden.


Links naar verschillende archieven / websites

  • De (on)mogelijkheden om te vluchten. Joodse emigratie 1933-1942 (NL)
  • Kindertransporte 1938/39 (D)
  • Abraham Asscher (D) (NL)
  • Youtube: 1941: De Joodse wijk te Amsterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog - oude filmbeelden
  • Archief Bad Arolsen document Generalkommissar Schmidt
  • Archief Bad Arolsen document Telex waarin verontwaardiging uitgesproken wordt dat er in het Jodenghetto geen doden zijn gevallen
  • Youtube: De razzia’s van 22 en 23 februari 1941 - Februaristaking
  • Die Kindertransporte 1938–1940 (D)

  • Literatuur

  • Gann C., Eva Mosbacher - ein jüdisches Mädchen und der Kindertransport nach England / Hentrich und Hentrich Verlag Berlin; 1. Edition (1. Juli 2020) / ISBN 3955653900
  • Fast V.K., Kindertransporten 1938-1948 BBNC Uitgevers EAN 9789045319612
  • De februaristaking in de Zaanstreek 1941 / Stichting Uitgeverij Noord-Holland / EAN 9789078381938